begin goed. begin hier.
Geld

Eerste huis gekocht? Check of je stroomaansluiting niet te zwaar is

Ruim 300.000 huishoudens betalen voor een te zware stroomaansluiting. Zo zie je op je jaarrekening welke jij hebt en hoe je als starter omlaag gaat.

Bart 6 oktober 2026 4 min lezen
Meterkast met elektriciteitsmeter in een woning

Je hebt net je eerste huis gekocht, de verhuisdozen staan nog in de gang en dan komt de eerste jaarrekening van je energieleverancier. Kijk daar niet alleen naar het bedrag onderaan. Volgens de Autoriteit Consument & Markt (ACM) betalen ruim 300.000 huishoudens en kleine bedrijven voor een zwaardere stroomaansluiting dan ze nodig hebben. Bij een huis dat je van iemand anders overneemt, neem je die aansluiting gewoon mee, zonder dat iemand je ernaar vraagt. Hier lees je hoe je ziet welke aansluiting jij hebt, wanneer een kleinere slim is en hoe je dat regelt.

Wat de ACM heeft uitgezocht

De ACM bekeek de aansluitingen van bijna 10 miljoen huishoudens en kleine bedrijven, en vergeleek de zwaarte van de aansluiting met het verbruik. De uitkomst staat in het bericht van de ACM van 6 oktober 2026. Zo’n 266.000 aansluitingen zijn zwaarder dan 3×25 ampère, terwijl er minder dan 15.000 kilowattuur per jaar doorheen gaat. Daaronder zitten ongeveer 28.000 huishoudens die zelfs onder de 5.000 kilowattuur blijven.

Dat kost geld, want de netbeheerder rekent per jaar een vast bedrag dat afhangt van de zwaarte van je aansluiting, niet van hoeveel stroom je echt gebruikt. Dit zijn de gemiddelde bedragen voor 2026 die de ACM noemt.

AansluitingGemiddeld per jaar (2026)Geschikt voor
tot en met 3×25 ampère (standaard)360 eurotot 15.000 kWh per jaar
3×35 ampère1.800 eurozwaarder gebruik
3×80 ampère4.500 eurode zwaarste kleine aansluiting

Ter vergelijking, een gezin van vier in een rijtjeshuis gebruikt volgens de ACM ongeveer 3.500 kilowattuur per jaar. Een starter in een appartement zit daar meestal ruim onder. Wie te zwaar zit en terug kan naar 3×25 ampère, bespaart volgens de ACM minstens 1.400 euro per jaar. Kleiner dan 3×25 heeft geen zin, want een lichtere aansluiting kost hetzelfde.

Waarom dit juist starters raakt

Als je een huis koopt, koop je de meterkast erbij. De vorige eigenaar heeft de aansluiting misschien ooit laten verzwaren voor een sauna, een zwembad, een verwarmde vijver of een snellader voor een elektrische auto. De ACM noemt precies dat soort apparaten als de reden dat iemand een zware aansluiting nodig heeft. Die sauna gaat niet altijd mee, de zware aansluiting wel. Bij de bezichtiging let je op de kozijnen en de cv-ketel, maar naar de zwaarte van de aansluiting vraagt bijna niemand. Eerlijk gezegd vind ik dat het in elke checklist voor een bezichtiging zou moeten staan.

Daar komt bij dat je in je eerste jaar vaak nog geen idee hebt wat normaal is. Je weet niet wat de vorige bewoner betaalde, en de netbeheerkosten verdwijnen tussen alle andere regels op de rekening. Het ziet er niet uit als een fout, het ziet eruit als een vaste last.

Zo zie je welke aansluiting je hebt

  1. Pak je jaarrekening erbij. De ACM wijst die aan als de plek waar je het ziet. Bij de netbeheerkosten staat de capaciteit van je aansluiting, bijvoorbeeld 1x35A, 3x25A of 3x35A. Op dezelfde rekening staat ook je verbruik per jaar.
  2. Heb je nog geen jaarrekening? Kijk dan in je online omgeving bij je energieleverancier of in de eerste voorschotnota. Lukt dat niet, bel de leverancier en vraag naar de capaciteit van je aansluiting.
  3. Vergelijk met je verbruik. Staat er meer dan 3×25 ampère en blijf je ruim onder de 15.000 kilowattuur per jaar, dan zit je waarschijnlijk te zwaar.
  4. Bekijk wat er in huis staat. Heb je geen sauna, zwembad, vijververwarming of snellader die tegelijk met andere zware apparaten draait, dan heb je die zwaarte niet nodig.

Omlaag gaan, en waarom je eerst even nadenkt

Een kleinere aansluiting vraag je aan bij de netbeheerder in jouw regio, niet bij je energieleverancier. Op mijnaansluiting.nl, de site van de gezamenlijke netbeheerders, staat hoe je bepaalt welke aansluiting je nodig hebt, en daar regel je de aanvraag ook. Volgens de ACM kost het verkleinen eenmalig ongeveer 300 euro. Als je daarmee jaarlijks meer dan duizend euro bespaart, heb je dat dus binnen een paar maanden terug.

Maar de ACM waarschuwt er zelf bij, en die waarschuwing is serieus. Het stroomnet zit op veel plaatsen vol. Wil je later toch weer een zwaardere aansluiting, dan kom je vaak op een wachtlijst. Denk dus even vooruit. Wil je binnen een paar jaar een warmtepomp, een elektrische auto of een inductiekookplaat? Volgens onderzoek waar de ACM naar verwijst, lukt dat voor de meeste huishoudens ook prima met 3×25 ampère of zelfs met een enkelfasige aansluiting. De auto laadt dan wat langzamer, maar voor dagelijks gebruik is dat genoeg.

Mijn advies is daarom simpel. Zit je boven de 3×25 ampère en heb je geen apparaten die het echt nodig hebben, ga dan omlaag naar 3×25, en niet verder. Dat is de standaardaansluiting, die kost hetzelfde als een lichtere en laat je genoeg ruimte om later te verduurzamen. En voorkom pieken door zware apparaten niet allemaal tegelijk aan te zetten.

Wil je verder grip krijgen op je energiekosten, lees dan ook welk energiecontract bij je eerste huis past. De netbeheerkosten zijn maar één regel op je rekening, maar het is wel de regel waar je met één aanvraag het meest op kunt winnen.