De starterslening is voor veel kopers het laatste stukje van de puzzel. Je hypotheek is net niet genoeg voor het huis dat je wilt, en de gemeente leent je het verschil. Maar in een deel van het land is dat potje leeg. Adviseurs van De Hypotheekshop trokken op 14 oktober 2026 aan de bel omdat de budgetten lokaal opraken, meldde NU.nl.
Hoe je zo’n lening aanvraagt, lees je in het stappenplan voor de starterslening. Dit stuk gaat over wat je doet als het geld in jouw gemeente op is, of op dreigt te raken terwijl jij nog aan het zoeken bent.
Waarom het geld sneller op is dan vroeger
Het budget voor startersleningen is een pot die een gemeente vult en die zich deels weer aanvult als oudere leningen worden terugbetaald. Twee dingen zetten die pot nu onder druk. Starters lenen per persoon veel meer. Volgens de adviseurs was een starterslening van zo’n 10.000 tot 15.000 euro vroeger genoeg, en hebben kopers nu vaak het maximum nodig, in de meeste gemeenten tussen de 30.000 en 40.000 euro. Met hetzelfde budget help je dan veel minder mensen.
Daarnaast stroomt er minder terug. Een starterslening wordt meestal in één keer afgelost als je je huis verkoopt, en starters blijven tegenwoordig langer in hun eerste huis wonen. Tegelijk groeit de vraag. Volgens het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVn) steeg het aantal verstrekte startersleningen in 2025 met 15 procent.
Het resultaat vatte Martin Hagedoorn van De Hypotheekshop goed samen. Een regeling kan “formeel bestaan, terwijl een koper er niets aan heeft omdat het budget op is”. Dat is precies het risico voor jou. Op de website van je gemeente staat de starterslening gewoon nog vermeld, terwijl er die maand niets meer te verdelen valt.
Wat je checkt voordat je een bod doet
Het pijnlijkste scenario is dat je een bod doet, het huis krijgt en daarna hoort dat er geen starterslening meer is. Dat voorkom je met deze volgorde.
- Kijk bij SVn of jouw gemeente meedoet. Op de pagina over de starterslening van SVn zit een zoekfunctie waarin je je gemeente invult. Daar zie je of er een regeling is en onder welke voorwaarden.
- Bel of mail de gemeente over het budget van nu. Vraag of er op dit moment nog geld is, hoeveel aanvragen er in behandeling zijn, en of en wanneer de gemeente bijstort. Dat laatste wordt vaak pas bij een nieuwe begroting besloten.
- Neem de starterslening op in je financieringsvoorbehoud. Spreek met je adviseur af dat het voorbehoud in de koopovereenkomst ook geldt als de starterslening niet doorgaat. Dan kun je zonder boete van de koop af als het potje leeg blijkt.
- Vraag de toewijzing zo vroeg mogelijk aan. Zodra je een woning op het oog hebt, wil je je aanvraag bij de gemeente zo snel mogelijk indienen. Wie eerst komt, wordt eerst bediend als het budget krap is.
Ik zou er zelf geen plan op bouwen dat alleen werkt als de gemeente op het juiste moment geld heeft. Reken je aankoop eerst door zonder starterslening, en zie de lening als iets wat het huis bereikbaar maakt als het lukt, niet als de basis.
Leeg potje, welke opties heb je nog?
Een starterslening hangt aan de gemeente waarin het huis staat, niet aan de gemeente waar je nu woont. Dat is meteen je eerste uitweg. Zoek je in een regio, kijk dan of een buurgemeente nog wel budget heeft. Een huis tien minuten verderop met starterslening kan haalbaar zijn waar het huis in je eigen stad dat niet is.
Een tweede optie is wachten tot de pot weer gevuld wordt. Dat is vervelend als je net een leuk huis ziet, maar soms verstandiger dan iets kopen wat je eigenlijk niet kunt dragen. Gebruik die tijd om te sparen voor de kosten koper, want die kun je toch al niet meefinancieren.
Ten derde kun je kijken naar een goedkopere woning, of naar een kleinere. Dat klinkt als open deur, maar met een starterslening van 30.000 tot 40.000 euro in je hoofd zoek je al gauw in een prijsklasse die zonder die lening net buiten bereik ligt.
Tot slot is er familie. Ouders kunnen geld lenen of iets schenken, met een vastgelegde afspraak over rente en aflossing. Doe dat altijd op papier en laat het door je hypotheekadviseur meenemen, want een lening van je ouders telt mee in wat je maandelijks kunt dragen.
Komt er iets landelijks voor terug?
De Hypotheekshop pleit voor onderzoek naar een landelijke koopsubsidie die niet aan één gemeente vastzit. Die bestond eerder al. Lage en middeninkomens kregen een maandelijkse bijdrage aan hun hypotheeklasten, in 2009 en begin 2010 gemiddeld zo’n 80 euro per maand. In het voorjaar van 2010 was ook dat budget op, en daarna konden er geen nieuwe aanvragen meer bij.
Dat is een les die ook voor nu geldt. Een regeling met een vaste pot geld kan altijd opraken, landelijk of lokaal. Of er een nieuwe koopsubsidie komt, is op dit moment alleen een wens van adviseurs. Wie nu wil kopen, kan daar niet op wachten. Kijk liever of je überhaupt in aanmerking komt voor een starterslening, en of je plan ook overeind blijft zonder.




