Wat kost een huisdier per maand en loont een verzekering voor de dierenarts?
Wat kost een kat of hond per maand? De rekensom voor je eerste huisdier, wat de dierenarts kan kosten en wanneer een huisdierenverzekering loont.
Een eerste kat of hond voelt als een mijlpaal, zeker als je net op jezelf woont. Maar een huisdier is ook een vaste post op je begroting, en soms een onverwachte. Wie vooraf weet wat het kost, schrikt later minder van een rekening bij de dierenarts. Hieronder de rekensom per maand, en het antwoord op de vraag wanneer een huisdierenverzekering de moeite waard is.
Wat een kat of hond je eenmalig kost
De aanschaf zelf is maar het begin. Er komen spullen bij zoals een mand, bench, kattenbak of krabpaal, en je betaalt voor castratie of sterilisatie, het chippen en registreren en de eerste vaccinaties. Voor katten wordt chippen vanaf 2028 verplicht.
Het Landelijk Informatiecentrum Gezelschapsdieren (LICG) schat die eenmalige kosten, los van de aanschafprijs, op 525 euro voor een hond en 415 euro voor een kat. Dat staat in een stuk van het AD dat op 5 oktober 2026 ook op het weblog van Independer verscheen. Op de site van het LICG vind je per diersoort uitgebreidere informatie over verzorging en kosten.
De rekensom per maand
Daarna komen de vaste kosten. Denk aan brokken en ander voer, speelgoed, kattenbakvulling, de jaarlijkse vaccinaties en het bestrijden van vlooien, wormen en teken. Sommige dieren moeten ook naar de trimsalon of hun nagels laten knippen, en ga je op vakantie, dan betaal je voor een pension of oppas.
Het LICG komt voor een hond uit op zo’n 710 euro per jaar en voor een kat op 1270 euro per jaar. Omgerekend ziet dat er zo uit.
| Kostenpost (schatting LICG, 2026) | Hond | Kat |
|---|---|---|
| Eenmalig, zonder aanschafprijs | 525 euro | 415 euro |
| Per jaar | 710 euro | 1270 euro |
| Per maand (omgerekend) | ongeveer 59 euro | ongeveer 106 euro |
Dat een kat in deze schatting duurder uitvalt dan een hond, verrast misschien. Het laat vooral zien hoe sterk de kosten afhangen van de diersoort, de grootte van het dier en de keuzes die je zelf maakt. Gebruik deze bedragen dus als richting en reken je eigen situatie na.
Wat er niet in zit, is de dierenarts als het misgaat. Een standaardconsult kost overdag en doordeweeks gemiddeld zo’n 50 euro. In de avond en het weekend ben je volgens het artikel al snel 150 tot 200 euro kwijt, en dan komen onderzoek en medicijnen er vaak nog bij. Bij een ongeluk, operatie of langdurige behandeling lopen de kosten volgens het LICG op tot honderden of zelfs duizenden euro’s.
Loont een huisdierenverzekering?
Dat hangt minder af van je dier dan van je spaarrekening. Verzekeringsexpert Bas Knopperts van Independer zegt het in het AD zo. Wie een operatie van bijvoorbeeld 2000 euro uit zijn spaargeld kan betalen, heeft weinig aan een verzekering. Wie de maandpremie wel kan opbrengen maar zo’n rekening niet, heeft er juist veel aan.
Voor starters valt dat vaak de tweede kant op. Je eerste jaren op jezelf zijn de jaren waarin je buffer nog klein is en er van alles tegelijk geld kost. Ik zou daarom zo rekenen. Kun je vandaag 2000 euro missen zonder dat de huur of je boodschappen in gevaar komen? Dan kun je de verzekering overslaan en dat bedrag apart zetten. Kun je dat niet, dan is een verzekering in elk geval de eerste jaren verstandig.
Een eigen spaarpotje voor de dierenarts kan ook, zegt het LICG, maar alleen als je dat geld echt apart houdt. Het nadeel is dat zo’n potje in de eerste jaren nog te klein kan zijn als er al snel iets gebeurt.
Waar je op let bij een huisdierenverzekering
De premie hangt af van de leeftijd, grootte, het ras en het geslacht van je dier. Independer noemt als voorbeeld een kater van 2,5 jaar die tussen de 12 en 25 euro per maand kost, en een reu van 15 kilo en dezelfde leeftijd die tussen de 20 en 40 euro per maand kost. Let daarnaast op deze punten.
- Eigen bijdrage. Bij de meeste verzekeraars betaal je een deel zelf, gemiddeld 20 procent. Hoe lager die bijdrage, hoe hoger de premie.
- Eigen risico. Sommige verzekeraars rekenen daarnaast een eigen risico, meestal rond de 100 of 150 euro.
- Maximale vergoeding. Vaak geldt een maximum per behandeling of per jaar. Een duurder pakket heeft meestal een hoger maximum.
- Leeftijdsgrens. Meestal kun je een dier tot zeven jaar aanmelden. Verzeker je jong, dan loopt de dekking daarna gewoon door.
- Uitsluitingen. Klachten die al bekend waren worden niet vergoed, en sommige aanbieders keren niet uit bij aangeboren of erfelijke aandoeningen.
Die laatste twee punten maken het eerste jaar belangrijk. Twijfel je, sluit dan af zolang je dier jong en gezond is, want later kan het zijn dat je niet meer terechtkunt of dat een aandoening buiten de dekking valt.
Vergeet je andere verzekeringen niet
Een huisdierenverzekering betaalt de dierenarts, niet de schade die je dier bij een ander veroorzaakt. Rent je hond tegen een fietser aan of sloopt hij de tuin van de buren, dan kijk je naar je aansprakelijkheidsverzekering. Heb je die nog niet, lees dan eerst wanneer je een aansprakelijkheidsverzekering nodig hebt.
Mijn advies voor een eerste huisdier is daarom simpel. Reken de maandkosten mee in je begroting voordat je het dier in huis haalt, beslis bewust over een verzekering en houd een kleine buffer aan voor de rekening die je niet ziet aankomen. Dan blijft het vooral gezellig.